Begroting 2020

Incidentele baten en lasten op programmaniveau

Uitgangspunt toezicht: materieel begrotingsevenwicht
Bij de beoordeling door de toezichthouder of de begroting structureel in evenwicht is, wordt gebruik gemaakt van het overzicht van incidentele baten en lasten. Op basis hiervan wordt het materiële begrotingsevenwicht beoordeeld: worden de structurele lasten gedekt door structurele baten. Dit geldt voor zowel het bestaande beleid als het in de begroting opgenomen nieuwe beleid. Met het inzicht in incidentele baten en lasten wordt dan, ook meerjarig, het structurele begrotingssaldo inzichtelijk gemaakt. Door de toezichthouder wordt vervolgens beoordeeld hoe het materiële begrotingsevenwicht zich verhoudt tot het formele begrotingsevenwicht. Dit geeft o.a. een indicatie hoe de begroting in het meerjarig perspectief sluitend is gemaakt en het realiteitsgehalte en volledigheid van in de begroting opgenomen ramingen van baten en lasten.

Regelgeving BBV
Op basis van de regelgeving opgenomen in het BBV is het overzicht van incidentele baten en lasten een onderdeel van de begrotingsstukken. Met ingang van 1 januari 2013 is de regelgeving in het BBV voor inzicht in incidentele baten en lasten verder uitgebreid. Het BBV geeft echter geen harde definitie van de begrippen incidenteel en structureel. Ook in de praktijk is het onderscheid niet altijd even scherp te trekken. Om toch zoveel mogelijk eenduidige toepassing van regelgeving te bevorderen heeft de Commissie BBV al in 2012 de notitie 'incidentele en structurele baten en lasten' opgesteld. In de notitie wordt het onderscheid tussen incidenteel en structureel op basis van de volgende vier verduidelijkingen nader uitgewerkt:

  1. Indien bestaand structureel beleid, niet zijnde een tijdelijke geldstroom, binnen de termijn van 3 jaar een wijziging ondergaat dan worden de daarmee samenhangende lasten of baten in het begrotingsjaar niet als incidenteel aangemerkt. Bijvoorbeeld in het kader van de bezuinigingen besluit de gemeente in jaar t+3 geen subsidies meer te verstrekken; de daarmee samenhangende lasten worden in t+2, t+1 en t nog als structureel beschouwd.
  2. Na afloop van een begrotingsjaar zullen bij het opmaken van de jaarrekening altijd wel enige (relevante) verschillen tussen de werkelijkheid en de begroting blijken. Het is van belang dat bij de analyse ex BBV artikel 28, lid a wordt bezien in hoeverre er alsnog sprake is geweest van niet begrote incidentele baten en lasten. Budgetverschillen op activiteiten betreffende structureel bestaand beleid blijven naar hun aard ‘structureel’.
  3. Toevoegingen aan en onttrekkingen uit de reserves worden als incidenteel beschouwd, tenzij het gaat om reguliere onttrekkingen aan financieringsreserves c.q. dekkingsreserves (kapitaallasten) of om onttrekkingen uit een daartoe toereikende (bestemmings)reserve gedurende een periode van minimaal 3 jaar met als doel het dekken van structurele lasten.
  4. Meerjarige tijdelijke geldstromen waarvan de eindigheid vastligt vanwege een raadsbesluit en/of een toekenningsbesluit klasseren als incidentele baten en lasten, ook als de geldstroom (nog) langer is dan 3 jaar.

In de volgende tabel is per programma aangeven welk bedrag is begroot aan incidentele baten en incidentele lasten. In het bijllagenboek is een specificatie opgenomen van de onderliggende posten.

Incidentele baten en lasten (bedragen x € 1.000)

2020

2021

2022

2023

Incidentele baten programma:

Duurzaamheid

19

19

0

0

Maatschappelijke ontwikkeling

0

0

0

0

Leefomgeving

7.240

2.450

842

658

Economie, Toerisme, Recreatie, Cultuur en Sport

0

531

0

0

Meewerkend bestuur

519

140

13

0

Totaal incidentele baten

7.778

3.140

854

658

Incidentele lasten programma:

Duurzaamheid

318

25

0

0

Maatschappelijke ontwikkeling

248

157

21

0

Leefomgeving

7.378

2.479

999

658

Economie, Toerisme, Recreatie, Cultuur en Sport

31

10

0

10

Meewerkend bestuur

848

616

31

31

Totaal incidentele lasten

8.822

3.287

1.051

699

Saldo incidentele baten -/- lasten

-1.045

-148

-197

-41

ga terug